Toelichting

De definitie van de overhead volgens het BBV is “alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces”. Deze kosten worden verantwoord bij het taakveld Overhead. Hiertoe behoren ook de systemen en aanverwante lasten die deze functies ondersteunen.

(Uitvoerings-) lasten worden zoveel mogelijk direct toegerekend aan de betreffende taken en activiteiten. Alle functies, bijbehorende systemen en aanverwante lasten en baten die rechtstreeks aan een specifiek taakveld zijn toe te wijzen, maken deel uit van de overige taakvelden en niet van het taakveld Overhead.

Bedragen x 1.000
Onderdeel

Begroting
lasten

Realisatie lasten

Verschil
lasten

Begroting
baten

Realisatie baten

Verschil
baten

Saldo

Materiaal en kapitaallasten

18.289

16.527

1.762

9.415

1.520

-7.896

-6.134

Personeel

64.645

61.582

3.063

86

186

100

3.163

Eindtotaal apparaatskosten

82.935

78.109

4.825

9.501

1.705

-7.796

-2.971

Naar programma en investeringen

-41.516

-41.202

-314

315

0

-315

-629

Restant(=overhead)

41.418

36.907

4.511

9.816

1.705

-8.111

-3.600

Investeringen

Investering (bedrag x 1.000)

Begrote lasten

Werkelijke lasten

Saldo lasten

Begrote baten

Werkelijke baten

Saldo baten

Aanpassing publieke tribune in de raadzaal

60

55

5

Dig.van dienstverl.en inform.huish.25

266

266

Documentaire informatievoorziening

198

2

196

Huis van de Stad nazorg

481

303

178

Huisvesting dienstverlening Sociaal Domein

250

38

212

Vervanging audiovisuele apparatuur vergaderzalen

341

67

274

Voertuigen

1.571

335

1.236

3.167

799

2.368

Apparaatskosten zijn de noodzakelijke financiële middelen voor het inzetten van personeel (salarissen), organisatie-, huisvestings-, materieel-, automatiseringslasten e.d. voor de uitvoering van de organisatorische taken. Apparaatskosten zijn dus alle personele en materiële lasten (zowel direct personeel als Overhead) die verbonden zijn aan het functioneren van de organisatie, exclusief griffie en bestuur.

Van de totale apparaatskosten van de gemeente ad. 78,1 miljoen, is 41,2 miljoen toegerekend aan de programma’s (beleidsproducten) en investeringen. Deze toerekening is 0,3 miljoen lager dan begroot. De resterende overhead ad. 36,9 miljoen wordt niet verdeeld over de programma’s, maar blijft op het taakveld Overhead drukken.

Tijdens de overgang naar het nieuwe financiële systeem en de aanpassing van de programmabegroting in 2025 zijn enkele ramingen anders verwerkt in de financiële administratie. Hierdoor wijkt het beeld van de actuele begroting in de jaarrekening af van de vastgestelde wijzigingen, wat technische verschillen veroorzaakt bij enkele beleidsproducten. Deze verschillen zijn neutraal en hebben geen effect op het totale begrotingssaldo.

Ten opzichte van de begroting zijn de gerealiseerde apparaatskosten 4,8 miljoen lager. Hier tegenover staat dat er 7,8 miljoen minder baten zijn gerealiseerd van begroot. Deze verschillen bestaan deels uit de technische verschillen die hierboven zijn beschreven: voor de lasten gaat het om 0,8 miljoen en voor de baten om 8,4 miljoen. Als we de getoonde saldo’s hiermee corrigeren, resteert voor de lasten een voordelig verschil van 4,0 miljoen en voor de baten een voordelig verschil van 0,6 miljoen.

De belangrijkste oorzaken voor het voordeel op de lasten zijn:

  • Een onderbesteding van 2,9 miljoen heeft te maken met Overheadfuncties waarvan vacatureruimtes niet ingevuld waren.

  • Vertraging in het project Cloudstrategie 0,4 miljoen (waarvoor een deel budgetoverheveling is aangevraagd).

  • De bijdrage voor de ICT-dienstverlening van de GRB is 0,5 miljoen lager uitgevallen.

Voor de baten wordt het grootste deel van het verschil veroorzaakt door subsidies ad. 0,3 miljoen die zijn ontvangen voor medewerkers die worden ingezet op de gebiedsontwikkelingen. Deze subsidies waren deels niet begroot.

Nadere toelichtingen op de personele kosten en de doorbelastingen zijn beschreven in de paragraaf Bedrijfsvoering en diverse beleidsproducten.

N.b. De getoonde bedragen bij de categorie “Personeel” komen niet overeen met de bedragen die zijn opgenomen bij de paragraaf Bedrijfsvoering. Het verschil bestaat uit inhuurkosten die direct betrekking hebben op de uitvoering van beleid. Die worden niet verantwoord onder apparaatslasten, maar direct op de taakvelden.