Beleidsproduct 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken
Wat wilden we bereiken?
Elke jongere in Rijswijk krijgt passend en zo thuisnabij mogelijk onderwijs waarbij er een doorgaande ontwikkellijn is vanaf de voorschoolse periode.
Iedere jeugdige verdient een goede start bij de eerste stappen in zijn of haar leven en groeit op in een taalrijke omgeving. We bieden alle kinderen gelijke kansen met zo goed mogelijk passend onderwijs.
We zetten in op het voorkomen van laaggeletterdheid en het ondersteunen van mensen die laaggeletterd zijn.
Wat hebben we ervoor gedaan?
Volwasseneneducatie
In Rijswijk zijn naar schatting 6.000 volwassen inwoners laaggeletterd. Zij ondervinden problemen bij hun dagelijks leven. Laaggeletterdheid komt voor in alle lagen van de bevolking en in alle wijken. De doelgroep is dynamisch en bestaat uit jongeren, ouderen, Nederlanders met Nederlands als 1ste taal (NT1) en Nederlanders met een migratieachtergrond met Nederlands als 2de taal (NT2), met of zonder startkwalificatie, hoog- en laag opgeleid, werkend en niet-werkend.
In 2025 hebben we taalondersteuning geboden aan inwoners gericht op het verbeteren van de Nederlandse Taal en digitale vaardigheden. Samen met onze partners blijven we in gesprek hoe we ons aanbod kunnen verbeteren.
Door middel van het Taalketenoverleg stimuleren we de samenwerking tussen partners. Daarnaast blijven we op deze manier ons taalaanbod ontwikkelen en vernieuwen zodat het afgestemd blijft op de vraag van onze inwoners.
We zijn nauw betrokken geweest bij het ‘regionaal overleg bestrijden laaggeletterdheid’ om te zorgen dat het taalaanbod (Taalplusschool) voor Rijswijk zo goed mogelijk wordt ingezet.
Voortgezet onderwijs
Medio 2025 hebben de schoolbesturen van de Rijswijkse Vo-scholen aan de bel getrokken bij het gemeentebestuur. De schoolbesturen maken zich zorgen over de randvoorwaarden op het gebied van huisvesting, leefomgeving, veiligheid en zorgstructuren in en om de scholen. Dat leidt tot een trend van afnemende aantallen aanmeldingen van (nieuwe) leerlingen.
We hebben samen met de schoolbesturen gekozen voor een gezamenlijke aanpak, die ziet op een gedegen analyse en maatregelen om de situatie van het voortgezet onderwijs in Rijswijk te verbeteren.
Onderwijsachterstandenbeleid en peuteropvang
De ontwikkeling van kinderen op jonge leeftijd is van grote invloed op hun verdere leven. Daarom verdient iedere jeugdige in Rijswijk een goede start bij de eerste stappen in het leven en is het nodig om al op jonge leeftijd in te zetten op het voorkomen en bestrijden van (onderwijs)achterstanden. Het bestrijden van onderwijsachterstanden vraagt dan ook om een vroegtijdige aanpak die al start op het consultatiebureau en op maat gesneden is. Het beheersen van de Nederlandse taal is hierbij een essentieel onderdeel, naast een taalrijke omgeving.
In 2025 zijn er in totaal 17 groepen op 13 verschillende locaties Peuterspeelschool uitgevoerd door Kinderopvang Morgen. Op al deze locaties wordt gewerkt met Uk en Puk, een programma voor voorschoolse educatie. Peuters kunnen vanaf hun tweede verjaardag twee ochtenden per week naar de peuteropvang. Peuters met een verwijzing voor de voorschoolse educatie vanuit de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) kunnen vier ochtenden per week naar de Peuterspeelschool gaan.
In totaal hebben 479 peuters de Peuterspeelschool bezocht. Dit is ongeveer de 44% van het aantal peuters in Rijswijk. In deze cijfers zitten dus niet het aantal peuters dat een kinderdagverblijf bezoekt. Van deze peuters hadden 233 een verwijzing voor voorschoolse educatie, 107 waren gemeentelijke peuters en 139 waren KOT-peuters (KOT staat voor Kinderopvang toeslag). 19 KOT-peuters waren peuters die in een andere gemeente wonen. De ouders van de KOT-peuters kunnen een tegemoetkoming in de kosten van de opvang aanvragen bij de Belastingdienst. Voor de gemeentelijke peuters en de peuters met een verwijzing voor de voorschoolse educatie regelt de gemeente deze tegemoetkoming.Alle scholen hebben subsidie aangevraagd voor de Taalplannen. Deze subsidie helpt om het plezier in lezen te vergroten en om meer te lezen. Zo voorkomen we dat mensen later moeite krijgen met lezen en schrijven.
De acht scholen met een hoge achterstandsscore hebben subsidie van de gemeente gekregen. Met deze subsidie hebben zij extra activiteiten georganiseerd in aanvulling op hun eigen activiteiten. De activiteiten zijn bedoeld om achterstanden van leerlingen te verminderen. Veel van deze activiteiten richten zich op het verbeteren van de vroegschoolse educatie in de kleutergroepen. Ook werken zij beter samen met de Peuterspeelschool om de overgang voor kinderen soepel te laten verlopen.
Ook de twee Wereldgroepen bij 't Kristal en KC Snijders (bovenschoolse groepen voor nieuwkomersonderwijs) in Rijswijk blijven nog steeds nodig. Deze groepen zijn bedoeld voor kinderen van zes jaar en ouder die rechtstreeks uit het buitenland komen en geen Nederlands spreken. In deze groepen krijgen de leerlingen eerst intensief de Nederlandse taal aangeboden. Daarna kunnen ze overstappen naar gewone klassen. De oudere kinderen in de leeftijd van het voortgezet onderwijs maken gebruik van de Internationale Schakelklassen (ISK-klassen) in Den Haag.
Voor de kinderen in de basisschoolleeftijd die wonen op het AZC is een speciale nieuwkomersgroep op de KC Snijders geopend. De oudere leerlingen uit het AZC gaan naar de ISK-klassen in Den Haag.
Toezicht en handhaving Leerplichtwet en voorkomen en bestrijden voortijdig schoolverlaten
Onderwijs is essentieel voor jeugdigen om zicht te kunnen ontwikkelen en te kunnen bouwen aan een goede toekomst. Een diploma biedt meer kansen op een baan. De Leerplichtwet zorgt ervoor dat iedereen met gelijke kansen begint en de benodigde algemene kennis heeft om goed te kunnen functioneren in een zich steeds sneller ontwikkelende maatschappij.
In het afgelopen jaar is een aantal keren een Te Laat Kom actie op een school georganiseerd, op verzoek van de school. Tijdens deze actie zijn de leerplichtambtenaren zichtbaar aanwezig op school. Zij spreken dan ouders en leerlingen aan die niet op tijd komen om hun te wijzen op de verplichting en het belang om op tijd op school te zijn.
De leerplichtambtenaren hebben uitgebreid aandacht besteed aan de Dag van de Leerplicht in maart. Voorafgaand aan de Dag van de leerplicht hebben basisscholen aandacht besteed aan schoolaanwezigheid/op tijd komen. De school/groep met het minste verzuim/te laat komen kreeg een prijs. Deze prijs werd uitgereikt tijdens een bijeenkomst in de raadszaal.
Door de nieuwe wet “Van School naar Duurzaam Werk”, die op 1 januari 2026 is ingegaan, is gewerkt aan een nieuw regionaal programma. Dit programma verbindt de aanpak van voortijdig schoolverlaten met de aanpak bestrijding van de jeugdwerkloosheid.
Leerlingenvervoer
Ouders van leerlingen die niet zelfstandig naar school kunnen reizen, bijvoorbeeld vanwege een handicap of omdat de school relatief ver weg ligt, kunnen voor (een tegemoetkoming in) de vervoerskosten of aangepast vervoer van hun kind van en naar school een beroep doen op de regeling leerlingenvervoer.
Rond de 150 leerlingen hebben een vorm van tegemoetkoming in de kosten van het schoolvervoer ontvangen volgens de Verordening Leerlingenvervoer. Dit aantal is de afgelopen jaren gelijk gebleven. Het grootste gedeelte van de leerlingen ontvangt de tegemoetkoming in de vorm van het aangepast vervoer dat door de gemeente wordt georganiseerd.
In het schooljaar 2024-2025 hebben 12 leerlingen meegedaan aan het traject Mee op Weg. In dit traject leren zij zelfstandig reizen. Drie leerlingen hebben het traject succesvol afgerond. Bij een paar leerlingen loopt het traject nog door in het schooljaar 2025-2026. Een paar leerlingen zijn gestopt omdat zelfstandig reizen op dit moment nog niet haalbaar is voor hen.
Na afloop van de gezamenlijke aanbesteding van het leerlingenvervoer en het jeugdwetvervoer in de WMO-regio zijn een aantal percelen van één vervoerder opnieuw aanbesteed. Voor de overige percelen is gebruik gemaakt van de mogelijkheid tot verlenging van de aanbesteding. Vanaf 1 augustus 2025 zijn er voor de opnieuw aanbestede percelen nieuwe vervoerders ingekocht.
Het beleid en de uitvoering van het leerlingenvervoer worden met ingang van 1 augustus 2025 niet meer uitgevoerd door het team WMO. Dit is weer ondergebracht bij het team onderwijs, jeugd en sport.
Schoolmaatschappelijk werk
Het schoolmaatschappelijk werk versterkt de zorgstructuur op school, verzorgt preventieve en kortdurende hulp en vervult de schakelfunctie tussen het onderwijs en het jeugdteam. Deze preventieve inzet wordt ingezet om schooluitval en een beroep op zwaardere vormen van jeugdhulp te voorkomen.
Na afloop van de gezamenlijke aanbesteding met de gemeente Den Haag op 1 augustus 2025 hebben we het schoolmaatschappelijk werk op de scholen voortgezet.
JESS voert het schoolmaatschappelijk werk uit op de basisscholen. Schoolformaat doet dit voor het voortgezet onderwijs. Deze organisaties deden dit werk in Rijswijk ook al tijdens de aanbesteding.
Door het budget te verhogen in de tweede halfjaarrapportage kon de gemeente het aantal uren schoolmaatschappelijk werk gelijk houden aan wat de scholen vóór 1 augustus 2025 kregen.
Passend Onderwijs
Het doel van de Wet passend onderwijs is dat alle kinderen een plek krijgen op een school die past bij hun kwaliteiten en mogelijkheden. Ook als zij extra ondersteuning nodig hebben.
Om elk kind een passende plek te bieden werken de scholen/schoolbesturen regionaal samen in Samenwerkingsverbanden Passend Onderwijs zodat er voldoende onderwijsplekken zijn alle leerlingen met een zorgbehoefte.
We hebben te maken met twee samenwerkingsverbanden:
Voor het primair onderwijs Stichting Passend Primair Onderwijs Haaglanden (SPPOH);
Voor het voortgezet onderwijs Samenwerkingsverband Zuid Holland West (SWVZHW).
Ook de gemeenten Den Haag en Leidschendam-Voorburg maken deel uit van deze samenwerkingsverbanden.
Op regionaal en lokaal niveau hebben we samengewerkt met de Samenwerkingsverbanden Passend Onderwijs. We werkten samen aan de volgende projecten:
Pilot (proef) startklas
Routeboek verzuim en thuiszitters
Samen met de ketenpartners uit de stad werkten we aan een betere aansluiting tussen de Rijswijkse scholen, voorschoolse voorzieningen en het (jeugd)hulpaanbod. Binnen het project “Elkaar Versterken” werken we samen met de ketenpartners. De afgelopen periode richtten we ons vooral op het jonge kind en de kleuterrijpheid van kinderen.
Verbinding Onderwijs en Arbeidsmarkt
We stimuleren een verdere verbinding tussen het onderwijs en de arbeidsmarkt. Dit doen we om schooluitval te voorkomen en talenten van leerlingen optimaal te benutten.
JINC organiseerde bliksemstages en sollicitatietrainingen voor jongeren in het voortgezet onderwijs in Rijswijk. Zo maakten zij kennis met het Rijswijkse bedrijfsleven.
In november 2025 vond de eerste editie van het beroepenfeest plaats. Tijdens dit feest konden jongeren ontdekken welke toekomstige beroepen en banen er voor hen zijn.
Wat heeft het gekost?
De kosten voor alle hierboven beschreven activiteiten staan opgenomen in de jaarrekening 2025.
De activiteiten onder het kopje "onderwijsachterstandenbeleid en peuteropvang" (behalve de taalplannen en de tegemoetkoming voor reguliere peuteropvang) worden betaald uit de specifieke uitkering onderwijsachterstandenbeleid van € 2.924.312. Deze specifieke uitkering krijgt de gemeente voor dit doel.
Volgens de bestuursafspraken uit 2016 “Een aanbod voor alle Peuters” ontvangt de gemeente binnen de algemene middelen een decentralisatie uitkering “voorschoolse voorzieningen peuters” van € 98.806,-; de zogenaamde Asscher-gelden. Deze dekken deels de kosten voor de tegemoetkoming in de kosten van de peuteropvang voor ouders die geen recht hebben op de Kinderopvangtoeslag vanuit het rijk.
Voor het uitvoeren van Het Doorstroompunt (voorheen de RMC-functie) en de maatregelen uit het Regionaal programma VSV ontvangt de centrumgemeente Den Haag een specifieke uitkering waarbij zij het Rijswijkse deel in de vorm van een subsidie aan Rijswijk ter beschikking stelt. Deze subsidie bedraagt € 171.660.