Risicobeheer
Bij de financiering onderscheiden wij de volgende risico’s, die wij actief beheersen om de rentekosten zo laag mogelijk te houden:
Langlopend renterisico
Kortlopend renterisico
Kredietrisico
Liquiditeitsrisico
Langlopend renterisico
De rente op de kapitaalmarkt voor leningen voor overheden met een looptijd van 10 jaar bewoog zich in 2025 tussen de +3,3 procent en +2,7 procent (in 2024 tussen de +2,76 procent en +3,3 procent).
In 2025 is er één extra fixe-leningen aangetrokken voor € 20 miljoen met een looptijd van 12,5 maand. Deze lening is grotendeels aangetrokken om aan de financieringsbehoefte van RijswijkBuiten te kunnen voldoen. Het niet benodigde deel van de lening van RijswjikBuiten wordt voor de algemene dienst gebruikt.
Financiering RijswijkBuiten
De boekwaarde van de grondexploitatie RijswijkBuiten exclusief verliesvoorziening bedraagt per ultimo 2025 € 112,8 miljoen. Deze investering is gefinancierd met € 110,5 miljoen aan leningen.
Het risico is aanwezig dat de verkopen van de gronden (verder) achterblijven, zodat er meer aanvullende financieringsmiddelen nodig zullen zijn in de vorm van leningen met hogere rente. Het aantrekken van financieringsmiddelen die niet direct nodig zijn, brengt ook extra kosten met zich mee. Het is altijd een zorgvuldige afweging in hoeverre én op welk moment nieuwe leningen moeten worden aangetrokken.
Ter beperking van renterisico’s op de lange termijn geldt vanuit de wet FIDO de renterisiconorm. Volgens deze norm mag het renterisico maximaal 20% van het begrotingstotaal bedragen. Hiermee wordt een evenwichtige spreiding van renteherzienings- en herfinancieringsmomenten beoogd.
Voor 2025 bedraagt de renterisiconorm voor de gemeente Rijswijk:
€ 278.773 mln. x 20% = € 55.755 mln.
Het totaal aan betaalde aflossingen in 2025 is € 6,5 mln., zodat we ruim binnen de norm blijven.
Renterisiconorm
Ter beperking van renterisico’s op de lange termijn geldt vanuit de wet FIDO de renterisiconorm. Volgens deze norm mag het renterisico maximaal 20% van het begrotingstotaal bedragen. Hiermee wordt een evenwichtige spreiding van renteherzienings- en herfinancieringsmomenten beoogd.
Voor 2025 bedraagt de renterisiconorm voor de gemeente Rijswijk:
€ 278.773 mln. x 20% = € 55.755 mln.
Het totaal aan betaalde aflossingen in 2025 is € 6,5 mln., zodat we ruim binnen de norm blijven.
Kortlopend renterisico (kasgeldlimiet)
Om het effect van renteschommelingen op korte termijn te beperken, moet de gemeente zich houden aan de kasgeldlimiet. Deze limiet bepaalt het maximale totaal aan kortlopende schulden in de vorm van rekening-courantkrediet en kasgeld, en is gesteld op 8,5% van het begrotingstotaal aan lasten. De gemiddelde korte schuld per kwartaal mag de kasgeldlimiet aan het einde van drie achtereenvolgende kwartalen niet overschrijden. Indien dit toch gebeurt, moet aan het einde van het derde kwartaal de korte schuld worden omgezet in een vaste schuld.
Voor 2025 bedraagt de kasgeldlimiet voor de gemeente Rijswijk:
Kasgeldlimiet (bedragen x € 1.000 | 2025 | 2024 |
|---|---|---|
Begrotingstotaal | 278.773 | 255.429 |
Percentage vastgesteld per ministeriële regeling | 8,5% | 8,5% |
23.696 | 21.711 |
In het eerste halfjaar van 2025 is de rente 1% gedaald ten opzichte van voorgaand jaar. In het tweede halfjaar heeft de Europese Centrale Bank (ECB) de rente gehandhaafd, mede vanwege de stabilisering van de inflatie.
Het renterisico op kortlopende geldleningen (< 1 jaar) is volgens de Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) gemaximeerd tot de kasgeldlimiet. Overschrijding van deze limiet is toegestaan tot maximaal drie achtereenvolgende kwartalen. De kasgeldlimiet is vastgesteld op 8,5 procent van de begrotingsomvang van 2025. Bij een begrotingsomvang van circa € 278,7 miljoen in 2025 bedraagt de kasgeldlimiet circa € 23,7 miljoen. In 2025 is er een kasgeldlening van €10 mln. voor 1 maand aangegaan om te voldoen aan de betalingen voor investeringen en aflossingen.
Kredietrisicobeheer
Het kredietrisico ontstaat doordat de instelling waaraan de gemeente geld heeft uitgeleend mogelijk niet in staat is rente en aflossing te voldoen. Deze leningen zijn verstrekt in het kader van de publieke taak van de gemeente. De gemeente heeft slechts een beperkt bedrag aan uitstaande leningen. Per ultimo 2025 bedragen de uitstaande leningen:
Per ultimo jaar (bedragen x € 1.000) | Jaarrekening 2025 | Jaarrekening 2024 |
|---|---|---|
Woningbouwverenigingen | 420 | 455 |
Leningen eigen personeel | 117 | 135 |
Fietsenplan | 66 | 108 |
Startersleningen | 1.137 | 1.083 |
Duurzaamheidsleningen | 51 | 44 |
Lening gemeente Rijswijk | 827 | - |
Lening Museum Rijswijk | 538 | 567 |
Lening jeugshulpaanbieder | 154 | - |
Totaal | 3.310 | 2.392 |
WSW achtervangovereenkomst
De gemeente loopt niet alleen kredietrisico op verstrekte leningen, maar ook op leningen waarvoor een garantstelling is afgegeven. Dit betreft vooral leningen aan woningcorporaties zoals Rijswijk Wonen, Habion, Stichting Stedelink, Stichting Vidomes en Woonzorg Nederland. Het kredietrisico voor de gemeente is echter beperkt, doordat het Stichting Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) deze leningen primair garandeert. Per eind 2025 heeft de gemeente een achtervangverplichting bij WSW van € 350 miljoen.
Woningcorporaties financieren de bouw en het onderhoud van sociale huurwoningen via leningen bij geldverstrekkers, onder andere de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) en de Nederlandse Waterschapsbank (NWB). Het WSW staat hiervoor borg, wat betekent dat zij de betalingsverplichtingen (rente en aflossing) overnemen als de corporaties daartoe niet meer in staat zijn. Door deze borgstelling kunnen corporaties tegen gunstigere voorwaarden lenen.
Bij een aanspraak beschikt het WSW over verschillende buffers: een eenmalige buffer van 2,6% van het geborgde schuldrestant (circa € 2 miljard) en een jaarlijkse reserve van 0,25% van dat schuldrestant (circa € 200 miljoen per jaar). Pas wanneer deze buffers onvoldoende zijn, verstrekken de Staat en gemeenten via achtervangovereenkomsten renteloze leningen aan het WSW.
Dankzij de risicobeheersing van het WSW, het toezicht van de Autoriteit woningcorporaties, het ingezette onderpand en het obligo van deelnemers, blijft het risico voor gemeenten zeer beperkt. Tot op heden heeft het WSW nooit een beroep op deze achtervang hoeven doen.
Lening Gemeente Rijswijk
Via de SVN (Stimuleringsfonds Volkshuisvesting) is er vanaf 2002 een lening verstrekt aan diverse partijen. Op dit moment is er nog 1 lening van Rijswijk Wonen met een looptijd van 30 jaar, die afloopt in 2032.
Lening Museum Rijswijk
De verstrekte hypothecaire lening aan Stichting Museum Rijswijk bedraagt na aflossing € 538.093. De totale lening bedraagt € 751.000, waarvan € 617.000 beschikbaar is gesteld en € 90.000 nog opvraagbaar is voor onderhoudskosten, afhankelijk van de onderhoudsplanning. De looptijd van de hypothecaire lening bedraagt 30 jaar. Over de lening wordt 1,5% rente betaald. Het aflossingsschema is weergegeven in het onderstaande overzicht:
Ten laste van het jaar: (bedragen x € 1.000) | Opgenomen hypothecaire lening |
|---|---|
2018 | 528 |
2019 | 50 |
2020 | 38 |
Totaal opgenomen lening | 616 |
Afgelost 2022 | 20 |
Afgelost 2023 | 0 |
Afgelost 2024 | 29 |
Afgelost 2025 | 29 |
Totaal aflossing | 78 |
Restant lening | 538 |
Lening jeugdhulpaanbieder
Sinds de decentralisatie van de Jeugdhulp worden de diensten van Jeugdhulpaanbieder vergoedt via een inkoopconstructie in plaatst van een subsidieconstructie. Om niet in liquiditeitsproblemen te komen heeft een specialistische jeugdhulpaanbieder aan alle gemeenten waarin zij werkzaam is gevraagd om een gezamenlijke lening te verstrekken, welke zij jaarlijks een deel van aflost. Voorheen werd deze lening verantwoord als een “Nog te verhalen” balanspost, maar dit is nu gecorrigeerd als een lening op de balans.
Liquiditeitsrisico
Het liquiditeitsrisicobeheer betreft het financieren en uitzetten van middelen voor perioden tot één jaar. Een financieringstekort wordt zoveel mogelijk met kortlopende geldleningen gedekt. Dit gebeurt door een beperkt saldo aan te houden op de rekening-courant bij de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG), aangevuld met kasgeldleningen. Rekening-courantkrediet is duurder dan kasgeldleningen. Om onnodige tegoeden op de rekening-courant te voorkomen, worden dagelijks alle bankrekeningsaldi boven € 0,5 miljoen automatisch afgeroomd en overgeboekt naar de Schatkist van de Staat.
Activa en financiering
Onderstaande tabel geeft een overzicht van de ontwikkelingen in de financieringsstructuur van de gemeente, gebaseerd op de jaarstukken van 2025, per ultimo van het jaar en voorgaand jaar. De boekwaarde en financiering van de grondexploitatie RijswijkBuiten zijn hierbij buiten beschouwing gelaten.
Omschrijving (bedragen x € 1.000) | Jaarstukken 2025 | Jaarstukken 2024 |
|---|---|---|
Boekwaarde | 265.162 | 258.309 |
Vreemd vermogen | 127.290 | 136.350 |
Reserves | 98.929 | 82.032 |
Financieringsoverschot = + (tekort = -) | - 38.942 | - 39.927 |